Categorie: Tekst

Jean-Marie Pfaff, het bitterkoekje van SK Beveren

Dit weekend zag ik een aflevering van het Vlaamse voetbalprogramma De kleedkamer. De opzet is eenvoudig: een viertal oud-spelers van een legendarisch elftal uit de Belgische eerste klasse (die momenteel de Jupiler Pro League heet) komt samen rond een tafeltje in een schimmig verlichte voetbalkantine en blikt samen met presentator Ruben van Gucht terug op het succesvolste jaar van hun elftal. In korte reportages zoekt Van Gucht spelers uit hetzelfde elftal op die in het buitenland wonen, of die anderszins een bijzonder verhaal te vertellen hebben. Een soort De Reünie, maar dan voor onvergetelijke elftallen.

Het levert de mooiste sporttelevisie op die er is: een mengeling van kneuterigheid, historie, mooie portretten en voetbalpsychologie. Of je de elftallen en de voetballers kent, doet er eigenlijk niet toe: in de meeste gevallen is het juist een feest om ze te léren kennen.

Lees verder op de site van Team Edgar

Hoe het EK een koevoet tussen de emancipatiedeur werd

Vrouwenvoetbal. Of eigenlijk: gewoon voetbal, maar dan door vrouwen. Ik noem mezelf graag een humorloze linkse zuurfeminist, maar ik moet bekennen: ik had er nog nooit écht naar gekeken. Wat dat betreft ben ik een gemakssupporter: ik kijk naar wat er wordt uitgezonden. Tuurlijk, als er echt iets belangrijks aan de hand is dat alleen onder een betaalknop zit dan zoek ik rustig een Russisch streampje op, maar eerlijkheid gebiedt te zeggen dat ik dat voor vrouwenvoetbal nog nooit gedaan had. Nu ik een heel EK-toernooi tot in de diepste commentaarkrochten en met plezier gevolgd heb, vraag ik me af waarom.

Misschien is het omdat er zo weinig mensen naar kijken. Een deel van voetbalkijkplezier is toch samen met anderen in één huiskamer, kroeg of twittertijdlijn onder dezelfde hashtag richting een beeldscherm schreeuwen. Had ik vóór dit EK iets getweet over een vrouwenwedstrijd, dan had ik nul bijval of tegengas gekregen. Dodelijk saai, dus. Of was het omdat het niveau zo bedroevend laag was? Ik heb geen idee of dat zo is hoor, ik keek namelijk nooit, maar ik zag het wel eens in comments voorbij komen. Ik heb het weer eens geprobeerd, vrouwenvoetbal, maar het ziet er niet uit. Niet echt uitnodigend.

Lees verder op de site van Team Edgar

Kijk- en luistergeld

Het is zover: in oktober moet mijn boek af zijn. Ik ben al anderhalf jaar af en aan bezig met het schrijven van mijn sciencefictiondebuut, maar nu moet het Echt. Af. Dat is ontzettend spannend, want ik ben als de dood dat het niet goed genoeg wordt, en dat ik geen tijd meer heb om het nog achtmiljoenmiljard keer te herschrijven. Maar goed, zoals met alles: er moet een keer een streep onder, en die streep heb ik samen met mijn lieftallige redacteur Esther Hendriks (=goud waard) van De Arbeiderspers in oktober gezet.

Tot die tijd bestaat mijn leven dus uit schrijven. Omdat ik nogal van het overzicht-creëren en lijstjes-maken ben, heb ik een nauwkeurig schrijfschema gemaakt, per week en per dag. Eerst heb ik de resterende hoofdstukken (schrijven + herschrijven) verdeeld over de resterende weken, daarna heb ik een inschatting gemaakt over hoeveel woorden ik per dag moet schrijven, daarna heb ik een excelletje gemaakt in googledocs (ok dan heet het geen excel maar toch) dat precies uitrekent waar ik sta. Dat ziet er ongeveer zo uit:

Deze week heb ik dus al 400 woorden “te veel” geschreven, maar dat moest ook, want vorige week was ik op vakantie op Ameland en heb ik minder geschreven dan zou moeten. Het ziet er allemaal heel rigide uit enzo, maar voor mij werkt dit. Ik doe dit met m’n to-do-lijstjes, met sporten, met alles eigenlijk.

Lees hier verder! →

Even een zeikstukkie over Herman Brusselmans

Dit artikel verscheen op 20 juni 2017 op de site van Vrij Nederland.

In de Nieuwe Revu haalde schrijver Herman Brusselmans deze week uit naar zangeres Anouk: 

Deze blonde del weigert om de pil te slikken omdat haar kop er nog dikker van zou worden; ze gebruikt geen condoom omdat anders de binnenkant van haar flamoes naar verbrand rubber zou smaken, en voor het zingen de kerk uit vertikt ze puur uit misplaatst feminisme, zodat er in een aantal jaar tijd zes kinderen uit haar lendenen gekatapulteerd werden.

Hij oreert verder over haar zes kinderen die ‘natuurlijk’ niet van dezelfde vader zijn maar van een aantal ‘kansloze figuren’. Het is niet voor het eerst dat Brusselmans iemand affakkelt: al geruime tijd heeft hij een vaste afzeikrubriek, waar hij zogezegd ‘overschatte’ mensen rechtzet. Niemand is veilig voor wat nog het meest lijkt op een serie lange Geenstijl-comments, maar dan zonder spelfouten. 

Niemand is veilig voor wat nog het meest lijkt op serie lange Geenstijl-comments, maar dan zonder spelfouten.Al eerder was er wat ophef: Brusselmans noemde Karin Bloemen ‘zo dik dat ze de afsluitdijk zou kunnen vervangen’. Lezers en twitteraars waren verbolgen: er zou sprake zijn van seksisme. Hoofdredacteur Jonathan Ursem reageerde met een column van drie alinea’s waarin hij ‘een stelletje feministische twitteraars’ een ‘stel zure zeikwijven’ noemt, die Brusselmans valselijk van seksisme beschuldigen. Karin Bloemen wordt immers niet dik genoemd omdat ze een vrouw is, maar gewoon omdat ze dik is. Daarmee basta. ‘Hou je verongelijkte moralisme voor je’, bijt hij de zure feministen toe.

Lees verder op de site van Vrij Nederland

Ich bin ein muzikant

Gisteren zag ik een stukje uit een gesprek tussen Kim Gordon (bassist/zangeres van Sonic Youth) en Carrie Brownstein (gitarist/zangeres van Sleater-Kinney).

KG: ‘Ik vind het moeilijk om mezelf muzikant te noemen.’
CB: ‘Ik ook! Dat maakt het zo officieel. Oefen je wel eens op je instrument?’
KG: ‘Neuh. Ja, ik repeteer met de band. Maar ik heb nog nooit thuis geoefend.’

Alhoewel het verder best een suffig gesprek was, bleef dit hangen. Ik vind het ook moeilijk om mezelf muzikant te noemen. Dat is best raar: ik maak muziek sinds het moment dat ik kon zitten en met mijn vuisten op pianotoetsen kon rammen, en ik verdien er inmiddels alweer een tijdje mijn brood mee. Toch voel ik nog altijd een reserve wanneer iemand vraagt wat ik voor de kost doe. ‘Van alles’, zeg ik dan.

Lees hier verder! →

Deze Millennial Ging Naar Japan En Wat Ze Daar Leerde Zal Je Verbazen

Ik ging dus naar Tokio en het was awesomeballs. Ik leerde ook nog het één en ander van deze eerste verre reis, en dat wilde ik jullie natuurlijk niet onthouden!

1. Vliegtuigairco maakt je instant verkouden

Maar echt. Binnen een seconde. Vliegtuig stijgt op, airco gaat aan, BAM: neus dicht, stem kwijt. Aargh! Hoe doen zangers/zangeressen dat die om de haverklap vliegen??

2. Stadsplanning kan nog beter!

Als je in je dagelijks leven vooral heen en weer reist tussen België en Nederland zou je nog wel eens het idee kunnen krijgen dat Nederland qua opgeruimdheid en stoeptegel-organisatiegraad nr. 1 van de wereld is. Wrong! In Japan heeft werkelijk iedere 5 meter stoep een klein perkje met een houten bankje, perfect aangeharkte bloemetjes en een lampje. En als je ’s ochtends vroeg opstaat dan sta je oog in oog met een leger aan mannetjes met bezems die ervoor zorgen dat iedere openbare cm2 glimt en blinkt.

Lees hier verder! →

Tokio

We waren aan het nadenken over een clip voor mijn nieuwe single, die gaat over de lente, de zon die terugkomt, het licht dat alles verwarmt. ‘Zou Bianca niet iets kunnen maken in Tokio?’, was het idee. Japan in de lente: dat zou perfect zijn. ‘Tuurlijk wil ik een clip voor je maken’, zei Bianca, die in Tokio woont en werkt. ‘Op één voorwaarde: dat jij er ook in verschijnt.’

Opeens was ik aan het kijken naar vliegtickets naar de andere kant van de wereld. Kon dat zomaar? Man en kind een week niet zien, halsoverkop een enorme reis maken? ‘Doe het’, zei Bram. ‘Wij redden ons wel. Japan is fantastisch. Ga erheen.’ Anderhalve week geleden deed ik dus iets heel geks: ik boekte een vlucht. Zes dagen Tokio.

Lees hier verder! →

Interview + voorpublicatie Vrij Nederland

Dit interview verscheen in Vrij Nederland op 10 maart 2017

TIJDENS MIJN STUDIE NEDERLANDS HEB IK ME VERDIEPT in het modernisme van de jaren twintig en dertig. De populairste modernistische stroming was het Verwaterd Naturalisme, vol huiselijke tafereeltjes en beslommeringen. Het meest individuele van het individuele, zonder rekenschap te geven van positie in de maatschappij. Escapistische literatuur, die hordes mensen aan het lezen bracht.

Het was mainstream modernisme, en het voerde met gemak de boventoon terwijl de fascisten in Duitsland terrein wonnen. Er bekroop me iets, irritatie: hallo! Fascisten in Duitsland, hallo! Was dit de gangbare literatuur?

Die irritatie geldt ook voor de literatuur van vandaag en wordt heviger nu ik ouder word. Eerst verba­zing, dan weer die irritatie: ‘Wat? Weer zo’n boek?’ Ik ben nu 30, maar toen ik 16 was, schreef ik ook heel veel over mezelf. Toen ik 26 was nog, trouwens, en uitgeve­rijen en redacteuren vonden het te gek: ‘Je kunt zo leuk schrijven over je winkelverslaving, Aafke!’ Boeken zijn vaak even grachtengordel als de uitgeverijen.

Ik wilde eigenlijk eerst mijn debuutroman af hebben, voor ik hier een mening over gaf. Maar ja, dacht ik, dan moet ik nog een jaar mijn bek houden. En daar had ik geen zin in. Ik heb altijd een grote bek over dingen, dus ook over engagement in de literatuur. De laatste vijf jaar vind ik het steeds moeilijker om oogkleppen op te doen en alleen verwaterd naturalistisch over mezelf te schrijven. De politieke tijd waarin we zitten… Wat er nu gebeurt, is zo absurd dat je hoe dan ook boos moet zijn. Kijk, als je nu nog niet denkt: what the fuck is er aan de hand?, dan is engagement sowieso niks voor jou.

lees verder op blendle (€)

De boze witte man

Dit essay verscheen in One World op 3 maart 2017

De boze witte man heeft in Amerika de verkiezingen gewonnen. Hij is definitief aan de macht. Of liever gezegd: meer dan ooit. Hij verscheen in de vorm van een oranje uitgeslagen twittertornado, en heeft in zijn korte regeerperiode al meer kapotgemaakt dan menig president in een ambtstermijn heeft weten op te bouwen. Tijdens de campagnes klonk overal het adagium: ‘Trump de campaigner is niet dezelfde als Trump de president. Laten we nou eerst maar afwachten, laten we hem een kans geven.’

In Nederland staan we op het punt dezelfde fout te maken. Wilders krijgt met de minste tv-optredens en interviews verreweg de meeste aandacht tijdens de verkiezingscampagne, en ondanks dat zijn verkiezingsprogramma het talige equivalent is van alles in één beweging van tafel vegen, lijken veel mensen op hem te gaan stemmen. Dat is een bevreemdende gewaarwording: ik ken in mijn directe omgeving (zowel on- als offl ine) niemand die op hem stemt. Wie is dan toch die boze witte man die wél op Wilders stemt, en wat moet ik met hem?

 

Lees hier verder! →

Asokrant Telegraaf

Vandaag kopt de Telegraaf op de voorpagina: “Asielhopper-invasie”. Het is het zoveelste neologisme dat de krant introduceert door een woord of voorzetsel met negatieve connotatie voor of achter “asiel” te plakken. Telt u maar even mee met de koppen van de afgelopen week. 7 januari: “asielhopper-invasie”, “kansloze asielplaag”. 4 januari: “aso-asielzoekers”, “asielmachine”. 3 januari: “asieltuig”. En net voor de jaarwisseling was er nog een creatieve variant: de “asielaso”.





De koppen staan steevast boven artikelen over asielzoekers uit Algerije en Marokko. Asielzoekers die in Nederland weinig kans maken op een verblijfsvergunning, en daarom – zo redeneert De Telegraaf – maar beter meteen weer uitgezet kunnen worden, voordat ze hier rottigheid gaan uithalen. Over de inhoud van de artikelen wil ik het vandaag niet hebben, het gaat me puur om de woorden die de Telegraaf kiest om erboven te zetten. Framing zit namelijk niet alleen in het verstrekken van gekleurde of onjuiste informatie, maar ook in woordkeuze.

Lees hier verder! →